BST-Dintelsas b.v. - Sasdijk 18 - 4671 RN - Dintelsas - tel: 0167-52 80 23 - bst@tiscali.nl

'Hulpverlening op water in het geding'

De kwaliteit van de noodhulpverle­ning en rampenbestrijding op de Rijn-Scheldeverbinding gaat achter­uit als de regionale brandweer een eigen blusboot aanschaft. Dat vreest BST, het bergingsbedrijf waarmee de brandweer tot nog toe een waakvlamovereenkomst had voor blus- en reddingswerk.

Hulpverlening komt in gevaar

Reinier van der Zee vreest dat zijn bedrijf én de hulp­verlening te water gevaar lopen nu de regionale brand­weer het standby contract met hem heeft opgezegd.


Reinier van der Zee (49) is een beetje boos maar vooral teleurgesteld en bezorgd. Jarenlang was zijn blus-, redding- en bergingsbedrijf BST in Dinteloord de steun en toeverlaat van de regionale brandweer bij rampenbestrijding en hulpverlening op het drukke vaarwater tussenWillemstad en Kreekraksluizen. De kapitein was er bij scheepsbotsingen, lekkende tankers, strandingen, plezierjach­ten in nood en ander onheil vrijwel altijd als eerste bij, al dan niet met brandweermannen aan boord van een van zijn vijf hulpverle­ningsvaartuigen.

Zeven dagen per week, 24 uur per dag, waakte hij over zijn werkgebied. In achttien jaar ging hij slechts twee keer een weekje op vakantie.

Het was ook de regionale brandweer die er in de jaren tachtig bij Van der Zees illustere voorganger Geert Theunisse op aan had ge­drongen om een moderne, robuus­te blusboot te bouwen voor blus­, redding- en milieuacties op de Rijn- Scheldeverbinding. Dat werd de oersterke blusboot Furie 3, met aan boord voor 1 miljoen euro aan blusmaterieel. Toen Van der Zee het bedrijf overnam, modelleerde hij het verder naar de wensen van de brandweer: „Ik kocht er in 2000 nog een snelle blusboot van een half miljoen gulden bij, de Hel­legat, omdat de brandweer meer snelheid wilde.” Als tegenprestatie voor de inzet sloot de brandweer­regio een waakvlamovereenkomst met BST, ter waarde van 155.000 euro bruto dit jaar. „En nu trekken ze dat fundament in één keer onder mijn bedrijf vandaan.”

De grote kracht van BST is volgens Van der Zee juist de combinatie van het (betaalde) blus- en reddingswerk met een andere hoofdtak: het bergingswerk. „Ik heb hier een echt hulpverleningsnest om me heen kunnen bouwen.” De ene tak versterkt volgens de kapitein de andere, terwijl er volgens hem ook een grijs gebied bestaat: „Waar houdt blussen en redden op en gaat de actie over in berging? Bij BST zit alles onder één dak.” Volgens de eigenaar kan de ene tak ook niet meer zonder de andere. „Nu ben ik elke dag 24 uur paraat. De brandweer blijft bij inci­denten misschien wel op mij reke­nen. Maar als ik geen waakvlamovereenkomst meer heb, ga ik toch echt eens een keer op vakantie. Gemiddeld doe ik vijftig hulpverleningen per jaar, daar kun je niet van leven. Ik weet ook niet of ik de Furie 3 kan aanhouden, want die blusboot is mijn duurste post bij de bank.”

Van der Zee is ervan overtuigd dat de Veiligheidsregio, die de baas is van de brandweer, zich verkijkt op de kosten. „Voor het contract van 155.000 euro per jaar krijgen ze zonder verdere zorgen professione­le noodhulpverlening. Voor dat be­drag neem ik alle risico’s voor mijn rekening, betaal ik 45.000 eu­ro verzekering per jaar voor twee blusboten en ook alle onderhoud, personeel, moderniseringen en brandstof. De Furie 3 verbruikt alleen al 300 liter diesel per uur, de Hellegat 130, reken maar uit. Met een eigen blusboot van pak hem beet 1,5 miljoen euro is de brand­weer echt niet goedkoper uit, nog buiten de personele kosten.”

Om over de kwaliteit van de hulpverlening nog maar te zwijgen, denkt Van der Zee hardop. Op tafel liggen plakboeken met honderden foto’s van succesvolle reddings- en bergingsacties: plaatjes van halfgezonken jachten, bran­dende zeilboten, op elkaar gebot­ste binnen- en zeeschepen en ge­redde drenkelingen. Al bladerend valt het oog van de ervaren berger op een foto van de Franse chemicaliëntanker Calais, die in 1998 in zwaar weer op een strekdam bij Willemstad dreigde te lopen. „Zo maar een voorbeeld. Mijn maat Jos Hoffmann kon nog net een strop om een bolder van dat schip gooien, zodat we het precies op tijd voor de stenen konden wegtrekken. Er zat 500 ton tolueen in de tanks, voor Willemstad was dat een regelrechte ramp geworden.”

De kapitein denkt niet dat de blusboot van de brandweer zulke klussen kan klaren. „Dat bootje is te licht voor dit soort werk. Het kan ook niet dicht bij brandende sche­pen komen, dan smelt het aluminium. En de brandweermensen aan boord hebben onze ervaring niet.

Zij kunnen niet vol gas door de mist naar een ongeval racen. Als er ijs ligt, kunnen ze sowieso niet uitvaren. En dan de ligplaats: Bergen op Zoom: negentig procent van alle incidenten gebeurt hier, in de omgeving van de Volkeraksluizen.

Het duurt een uur voor die blus­boot daar is. Wij liggen meestal al op het water en zijn er anders binnen enkele minuten.”

(Bron: 'BN De Stem')

Oktober 2012


BST-Dintelsas b.v. - Sasdijk 18 - 4671 RN - Dintelsas - tel: 0167-52 80 23 - bst@tiscali.nl